Speciaal onderwijs

Naast regulier onderwijs, wordt er in Nederland ook speciaal onderwijs aangeboden. Speciaal onderwijs biedt kinderen met een handicap, chronische ziekte of stoornis de mogelijkheid om met de juiste begeleiding onderwijs te kunnen volgen. Wat het precies inhoudt? Wij leggen je meer uit over speciaal onderwijs.

Wat is speciaal onderwijs?

Dit zijn onderwijs instellingen die er zijn voor leerlingen die verstandelijke, lichamelijk of zintuiglijk gehandicapt zijn of gedrag en/of psychische problemen hebben. Een gewone basisschool kan een kind met leerproblemen niet helpen en zij worden geadviseerd om naar Speciale Basisonderwijs (SBO) scholen te gaan. De speciale basisscholen zijn bedoeld voor kinderen die:

– Gedragsproblemen ervaren;
– Moeilijk leren;
– moeilijkheden hebben met de opvoeding.

Wanneer een kind naar het voortgezet speciaal onderwijs (vso) gaat dan wordt hij in een van de vier clusters verdeeld, namelijk: 

Cluster 1 – Slechtziende en blinde kinderen;
Cluster 2 – Kinderen met spraakontwikkelingsstoornis, slechthorende en dove kinderen;
Cluster 3 – Langdurig zieke kinderen, verstandelijk en motorisch gehandicapt;
Cluster 4 – Kinderen met gedragsproblemen en psychische stoornissen. 

Wat is het doel van speciaal onderwijs?

Het speciaal onderwijs heeft bepaalde kerndoelen, ook wel ‘leergebiedoverstijgende kerndoelen’ genoemd. Het accent ligt hier op brede ontwikkelingen. Er is een verschillend leergebiedoverstijgende onderwijsaanbod, afhankelijk van een individu. Namelijk:
1. Breed gerichte kerndoelen. Denk hierbij aan bijvoorbeeld emotionele, sociale en motorische ontwikkelingen.
2. En kerndoelen die gericht zijn op het leren leren op school.

Leergebiedspecifieke doelen zijn ingedeeld in:
– Nederlandse taal
– Engelse taal
– Friese taal
– Nederlandse gebarentaal
– Wiskunde en rekenen
– Kunstzinnige oriëntatie
– Bewegingsonderwijs
– Oriëntatie op jezelf en wereld

Beweging in het speciaal onderwijs

Een van de meest belangrijke doelstelling is het bewegingsonderwijs. Dit doordat het van groot belang is om een actieve leefstijl te ontwikkelen en behouden. Ieder onderwijs past het activiteitenprogramma aan op de benodigdheden van desbetreffende leerlingen, zodat er met iedereen rekening wordt gehouden. Het activiteitenprogramma bestaat uit activiteiten die ervoor zorgen dat de leerlingen de belangrijkste bewegings- en spelvormen ervaren. Het bewegingsprogramma wordt gebaseerd op schommelen, balanceren, springen, klimmen, duikelen, bewegen op muziek en hardlopen. Waar het spelvormenprogramma wordt gebaseerd op activiteiten zoals stoei-spelen, jongleren en mikken.

De meeste spelvormen en bewegingsactiviteiten worden gezamenlijk ondervonden en is communicatie dus van groot belang. Ook het hanteren van spelregels en rollen tijdens de activiteiten moet worden aangehouden. Ook leren de leerlingen om op veiligheid te letten, elkaar te respecteren en op veiligheid te letten. Vaak worden deze activiteiten met plezier beleeft en dit is van groot belang voor blijvende deelname aan de bewegingsactiviteiten.

Terug naar Leerlingenzorg